Welk plaatje moet erbij? Mijn haat-liefde verhouding met Instagram.

De hele dag heb ik teksten in mijn hoofd. Soms word ik wakker met een gedachte waar ik bij wijze van in mijn brein binnen enkele minuten een complete Instagrampost van maak. Vaak ga ik met hele verhalen in mijn hoofd naar bed. Ik zou er een half boek van kunnen schrijven. Daar broed ik dan een tijdje op, woel een paar keer (of heel veel), en moet dan beslissen: ga ik uit bed om alles uit te schrijven, waardoor ik (weer eens) te laat slaap, of ga ik slapen en ben ik morgen kwijt waar het over ging?

Denker

Ik denk nou eenmaal veel en heb dat altijd al gedaan. Ik weet niet beter. (Goh mam… lijk ik toch voor 90% op je, i guess 😉.) Dat denken is niet altijd fijn, want ik wil niet alleen maar in mijn hoofd leven. Ik ervaar schrijven dan ook als therapeutisch en wil het eigenlijk het liefst over álles (kunnen) hebben. No limits. En dat doe ik ook wel, voor mijzelf.

Maar op teksten voor social media, een plek die ik vaak magisch vind (want community! Herkenning! Binding! Positiviteit!) maar soms ook toxisch (want uiterlijk vertoon! Perfecte plaatjes! Vergelijkingsdrang! Negativiteit!) voel ik de laatste tijd steeds vaker een blokkade. Met ‘positiviteit’ en ‘negativiteit’ bedoel ik niet per se dat ik wil dat er alleen maar rozengeur en maneschijn dingen opstaan: alsjeblieft niet. Ik bedoel vooral de negatieve comments, de hevige discussies over heftige topics die er kunnen oplaaien, de knoop in je maag die dat met zich meebrengt, de onaardigheid, de regelrechte haat. Niet per se aan mij gericht hoor, maar ook als ik dat naar of tussen anderen zie, doet dat wat met me. En als jij hier leest: waarschijnlijk ook met jou. De ongelijkheid. Het seksisme, validisme en racisme. Het egoïsme. Het maakbare. Het perfecte. Het soms regelrecht neppe.

Kort maar krachtig

Ook moeten teksten op social media altijd kort zijn. En laat ik daar nou niet zo goed in zijn. 💁‍♀️ Ongeacht wat alle ‘experts’ (en soms lezers) zeggen: wees kort en bondig! Kom to the point! Alles wat je in 100 woorden zegt moet ook in 10 kunnen! …past dat niet bij mij. Ik houd van mijmeren. Ergens op kauwen. En soms helpen 10 extra zinnen mij daarbij. Om te ontdekken wat ik eigenlijk echt vind of voel. Om soms zelfs van mening te veranderen. Een andere invalshoek te vinden.

En dan kan ik wel denken ‘maar JIJ moet het lezen, ik schrijf niet alleen maar voor mijzelf, maar voor tienduizenden lezers…’ maar is dat zo? Zou ik nog autonoom kunnen zijn en authentiek kunnen schrijven als ik voor een ander, of enkel met de ander in gedachten zou schrijven? Als ik zou gaan nadenken over ‘doelgroep’, ‘publiek’, ‘wat wel/niet werkt’?

Ben je niet vooral hier omdat ik schrijf wat ik écht denk?

Ook deze tekst begon als een Instagrampost… failed. Again. Ik voel nou eenmaal dat er zoveel meer onder zit. Dit zou nergens heen leiden in 2200 tekens.

Over álles schrijven betekent dus ook niet dat ik overal expert in ben/denk te zijn. Of dat wil verkondigen. Verre van. Soms wil ik enkel mijn gedachten en gevoel op papier zetten. Vaak zoek ik wel een onderbouwing. Liefst gebaseerd op feiten of rationele waarschijnlijkheden. Wetenschap. Soms wil ik een dialoog aangaan.

Soms ben ik daar stellig en direct in. Ook wel vurig, volgens Felipe. Soms wil ik schreeuwen, en vloeken, en zuchten. Soms word ik cynisch, of sarcastisch. Soms boos en verdrietig. Soms zit ik goed, soms zit ik fout.
Soms vertel ik gewoon iets over ons leven waarvan ik denk dat er niet genoeg over gesproken wordt en (h)erkenning broodnodig is.
Soms ben ik zoekend. Filosofisch. Weet ik niet exact wat ik wil zeggen of horen, maar wil ik wel nadenken, schrijven en praten. Wil ik horen wat anderen vinden en denken. Roept het op tot méér vragen, in plaats van antwoorden.

En het laatste, het aller- allerlaatste wat ik dan wil… is me druk maken om welk pláátje erbij moet. Welke foto ik moet uitkiezen. Welke foto wel of niet ‘goed werkt’ op social media. Wat de meeste likes krijgt. Welk filter ik moet gebruiken. Welke foto leuk en uitnodigend genoeg is om ‘engagement’ te creëren, maar waar ik niet mijn ziel verkoop door mezelf in allerlei influencerbochten te wringen die niet bij me passen.

 

Ik wil niet alleen maar pastel-, crème- en zandkleurige tinten in mijn garderobe, mijn interieur of mijn kind’s kledingkast.
Ik wil niet, tijdens een leuke dag weg, op zoek moeten naar de meest Insta-worthy plekjes voor een foto.
Ik wil niet met een koffiekopje in mijn hand semi-zwoel naar links kijkend een ‘heel spontaan’ kiekje schieten.
Ik wil niet iedere dag vol in de make-up moeten om online te kunnen verschijnen.
Ik wil mijn kind z’n blije koppie niet het centrum van míj́n sociale media accounts maken.
Ik wil niet conformeren aan de schoonheidsstandaard, en/of het patriarchaat.
Ik wil niet bijdragen aan het collectieve gevoel dat vaak voortvloeit uit (het zogenaamd perfecte van) social media: “ik ben niet goed genoeg”.

Ik wil dat niet

Maar ik wil ook, de mensen die hier wél aan meedoen en voor wie dit wél hun dagelijkse gang van zaken is, niet afschilderen als oppervlakkig. Nep. ‘Slecht’ voor de mentale gezondheid van anderen.

Want 1. hoe kun je het ze kwalijk nemen dat ze iets doen wat wérkt? Wat bevestigd en zelfs bemoedigd wordt door de volger/liker/commenter?
Immers: die accounts hebben toch echt altijd de grootste populariteit. Like it or not. Dus ‘we’ doen er allemaal aan mee. We zeggen allemaal dat we hier niet van houden, maar tegelijkertijd is dit wel wat we stimuleren en positief bekrachtigen.

En 2. die influencers zijn niet enkel onderdeel van dit ‘probleem’ en houden het niet enkel in stand… ze zijn ook slachtoffer van het probleem. Bovendien zijn ze ook dapper, want er is nou niet bepaald weinig kritiek. Iedereen vindt er wat van. (Overigens zeg ik steeds ‘ze’, maar ik ben er ook wel degelijk deels onderdeel van besef ik.) En dat brengt mij ook direct bij het punt waarop ik even duidelijk wil maken dat ik vind dat iedereen moet doen wat ze zelf wil/waar ze zich zélf goed bij voelt. Zolang het geen anderen schaadt.

#REALLIFE

Sure, er is altijd wel iemand die roept dat ze alleen maar ‘echtheid’ wilt zien.
En ook bovengenoemde influencers pretenderen natuurlijk ‘real life’ te laten zien. Sterker nog: ook dat werkt goed, anno 2020: realness. Kwetsbaarheid. Da’s bijna hip geworden.
Maar zelfs het echte en kwetsbare wordt zeer zorgvuldig gecureerd.

Ik zie online accounts met miljoenen (!) volgers, waar de foto’s van o.a. striae, een buik die niet compleet strak is, cellulite, lichaamshaar, acne, poriën etc. duidelijk zichtbaar, maar met een zekere vorm van perfectie op de foto worden gezet. Mooi licht. Zeer zorgvuldig uitgekozen achtergrond. Hippe outfit. Witte tandpastasmile. In een luxe of op z’n minst stijlvolle (beige? 😅) woning. Filter op filter. Dingen die in onze maatschappij en vooral het schoonheidsideaal als ‘imperfecties’ worden bestempeld zoals striae (wat ik al een kwalijke term an sich vind – imperfecties – want dat impliceert direct dat er dus ook een perfectie mogelijk is en dat de deze normale lichaamsonderdelen dingen niet ‘mooi’ zijn) worden op deze manier nog steeds niet ‘relatable’ ofwel herkenbaar, als je het mij vraagt.

Quality content?

Je zou kunnen zeggen: dat is kwalitatieve content maken.
Men kijkt, schijnbaar (cijfers liegen niet), liever naar zo’n mooi plaatje dan naar een onder- of overbelicht plaatje van slechte kwaliteit. En met slechte kwaliteit bedoelen we tegenwoordig: als jij nu op DIT moment zomaar een foto van jezelf zou maken – waar je ook zit of bent -. Terwijl, is DAT niet juist het echte-échte leven?

Want je zou je ook kunnen afvragen: is wat er nu plaatsvindt online een goede weerspiegeling van onze werkelijke maatschappij? Nee, natuurlijk niet. Als je om je heen kijkt op straat, op je werk, op het schoolplein of waar je ook bent, zie je meestal heel wat anders. Maar we vergelijken onszelf wel met deze plaatjes alsóf dit de weerspiegeling van de maatschappij is. En daar zit volgens mij het probleem. Want als ik in de spiegel naar iets zou kijken waar ik zelf niet blij mee ben, dan ziet het er nog steeds niet hetzelfde uit als op die foto’s. En dat maakt me, naast dat ik het fijn vind dat er enige vorm van herkenning is en in ieder geval iéts van een opgelucht gevoel, misschien wel nog onzekerder.

Waarom ik überhaupt nog meedoe

Terug naar waarom ik dit hele gemijmer begon: ik wil, ondanks mijn enige aversie, wél ruimte innemen op zo’n platform. Misschien wel JUIST. En ik wil met je praten! Of vooral met mijzelf, maar dan openbaar, kun je eigenlijk beter zeggen 🤷‍♀️ Waarom ik die neiging heb, weet ik ook niet. Of weet ik eigenlijk wel: de hoop is om iets in beweging te krijgen.
Niet per se gerichte actie (soms wel), maar wel stof tot nadenken.
Ruimte voor dialoog en ruimte voor groei.
Voor mij, en voor jou.
Op zoveel verschillende gebieden.
Mens zijn. De psychologie daarachter.
Mindset. Persoonlijke groei.
De (niet mogelijke) maakbaarheid van het leven.
Maar ook sociaal maatschappelijke topics.
Anti-validisme.
Feminisme.
Vrouw zijn.
Moeder zijn. Of proberen te worden.
Ondernemen.
Rouw.
Moeilijke dingen.
Mooie dingen.

Maar ik vind het wel eens lastig om dicht bij mijzelf te blijven op een social medium dat schreeuwt dat dat niet werkt.
Dat bewíj́st dat het niet werkt.
Dat zie ik simpelweg aan de statistieken.

We kunnen er namelijk een mooi verhaal van maken: blijf jezelf, conformeer je vooral niet aan de norm (en voor een geboren rebel klinkt dat als muziek in m’n oren), doe het lekker op jouw manier… maar als vervolgens om diezelfde reden je verhalen niet worden gelezen en je missie niet wordt bereikt… dan zit je in dubio. Zoals ik nu. Of eigenlijk al veel langer dan nu.

Weet je waar ik altijd versteld van sta? Van die YouTube tutorials waarin iemand je uitlegt hoe je (met make-up, dus) een out-of-bed ~natural look~ kunt creëren. Alsof je geen make-up op hebt. Heh??

Maar zo gebeurt dat nu dus ook op social media. Er worden uren gespendeerd om (zéér zorgvuldig gecureerde) foto’s te maken die zo natuurlijk en spontaan ogend mogelijk moeten zijn. Waar zijn we mee bezig? Mijn leven ziet er gewoon messy uit. Nee, niet instagram-messy. Echt messy 😂 maar dat willen jullie niet zien. Nee, echt niet. 😉

Lekker oppervlakkig

Maar, nu we toch zo lekker eerlijk zijn, ik wil óók goede stats. En erkenning. En volgers. En likes. En comments. En engagement. Dat klinkt allemaal verschrikkelijk oppervlakkig, maar is dat niet wat iedereen met meer dan een paar duizend volgers wil? Waarom zou je daar anders zijn? Bovendien is voor ons bedrijf, voor het kunnen blijven helpen van duizenden vrouwen, voor het kunnen aanhouden van mijn team, voor de ‘awareness‘ rondom PGD en microcefalie en óók voor onze toekomstige stichting ZICHTBAARHEID nodig.

Dus volg ik zo nu en dan de insta-regels. Doe ik meer moeite voor m’n foto’s. Pas ik m’n bio aan. Gebruik ik nieuwe features. En tromgeroffel: het werkt. En dan volg ik weer niét de regels, want, het is niet vol te houden / het knaagt aan mijn autonomie. En vooral: doordat ik overal zó over na moet denken, verdwijnt de creativiteit. Verdwijnt de passie. Het vuur. En blijven er standaard Instagram tekstjes over. Die niet Janne zijn. Die niet zijn wat ik eigenlijk echt wil zeggen. En soms krijg ik dan juist nog meer likes, wat mijn hart doet huilen en lachen tegelijk van de ironie die eraf druipt.

Dus zo gaan die teksten, die laat in de avond door mijn hoofd heen spelen, verloren.
Die gaan met mij mee, m’n bed in.
M’n dromen in.
En daar verdampen ze.
Waardoor ik overblijf met een hoofd vol condens waar geen zinnige woorden meer uit komen.

(Wat momenteel versterkt wordt door de bom aan hormonen die ik dagelijks in mijn lijf spuit #ICSI, maar dat terzijde.)

Ik heb geen mooi einde voor dit blog. Dit was mijn woordenkots die eruit moest. Voelt beter, zo. 😉

>>> Ik ben vooral HEEL benieuwd: hoe denk jij hierover? Wat merk je bij jezelf nadat je dit allemaal gelezen hebt? (Sowieso respect als je dit helemaal gelezen hebt…) En als je even heel eerlijk kijkt naar de lijst van mensen die JIJ volgt: hoe ziet dat eruit?